Burgerschap in de klas: van losse activiteiten naar een samenhangend aanbod

24 september 2026 | Door Renate Hoogendoorn & Marloes Hofstede

Burgerschap is op veel basisscholen al dagelijks zichtbaar. Leerlingen werken samen, leren omgaan met verschillen, geven hun mening en praten over wat er in de wereld gebeurt. Misschien is er een leerlingenraad, wordt er aandacht besteed aan verkiezingen of ontstaan er gesprekken over onderwerpen die leerlingen bezighouden.

Al deze momenten dragen bij aan burgerschap. Maar hoe zorg je ervoor dat het niet bij losse activiteiten blijft? En hoe maak je van alles wat je al doet een doelgericht en samenhangend aanbod?

Burgerschap in de klas: van losse activiteiten naar een samenhangend aanbod | Educatieve Uitgeverij Kinheim

Je doet waarschijnlijk al veel aan burgerschap

Burgerschap hoeft niet altijd in een aparte les plaats te vinden. Juist de school is een plek waar leerlingen iedere dag oefenen met samenleven. Denk aan samen afspraken maken, een conflict oplossen, luisteren naar iemand met een andere mening of verantwoordelijkheid nemen voor de groep.

Ook binnen andere vakken zijn er volop mogelijkheden. Een tekst bij begrijpend lezen, een onderwerp uit de geschiedenisles of een actuele gebeurtenis kan aanleiding zijn voor een gesprek over maatschappelijke thema's.

De uitdaging is dus niet alleen om activiteiten te organiseren, maar vooral om bewust te kijken: wat leren onze leerlingen hiervan en hoe hangen de verschillende activiteiten met elkaar samen?

Van losse activiteiten naar doelgericht burgerschapsonderwijs

Goed burgerschapsonderwijs vraagt om duidelijke doelen. Welke kennis en vaardigheden wil je leerlingen meegeven? En hoe bouw je die gedurende hun basisschooltijd verder op?

Ook de Inspectie van het Onderwijs kijkt naar die samenhang. Burgerschapsonderwijs moet doelgericht, samenhangend en herkenbaar zijn. Het moet duidelijk zijn welke doelen de school nastreeft en hoe het onderwijsaanbod daaraan bijdraagt.

Dat betekent niet automatisch dat er méér moet gebeuren. Het kan juist helpen om eerst te inventariseren wat je al doet. Welke doelen komen al voldoende aan bod? Waar zit overlap? En zijn er onderwerpen of vaardigheden die nog weinig aandacht krijgen?

Goed burgerschapsonderwijs begint bij je leerlingen

Een belangrijk uitgangspunt is dat burgerschapsonderwijs niet op iedere school hetzelfde hoeft te zijn. Om je onderwijs goed vorm te geven, moet je weten wie je leerlingen zijn en in welke omgeving zij opgroeien.

Welke ervaringen brengen zij mee? Welke maatschappelijke onderwerpen spelen in hun leefwereld? Met welke verschillende opvattingen komen zij in aanraking? En zijn er thema's die binnen jouw school of omgeving extra aandacht verdienen?

De Inspectie van het Onderwijs kijkt bij burgerschapsonderwijs ook naar deze afstemming op de leerlingenpopulatie en leefwereld. Een school moet zicht hebben op wat leerlingen nodig hebben om de gewenste sociale en maatschappelijke competenties te ontwikkelen.

Dat maakt burgerschap heel concreet. Op de ene school kan bijvoorbeeld extra aandacht nodig zijn voor omgaan met culturele verschillen, terwijl op een andere school kennismaken met verschillende achtergronden en perspectieven juist belangrijk kan zijn.

Goed burgerschapsonderwijs begint dus niet alleen bij de doelen, maar ook bij de vraag: wie zitten er bij ons in de klas?

De kerndoelen als houvast

De nieuwe kerndoelen burgerschap geven scholen meer richting bij het vormgeven van hun burgerschapsonderwijs. Ze maken duidelijker wat leerlingen moeten kennen, kunnen en ervaren.

Je kunt de kerndoelen gebruiken om het bestaande aanbod eens onder de loep te nemen. Welke onderdelen zijn al goed vertegenwoordigd? Waar liggen nog kansen? En hoe vertaal je de doelen naar jouw leerlingen en schoolomgeving?

De kerndoelen bieden daarmee een gezamenlijk uitgangspunt, terwijl er ruimte blijft om het onderwijs passend te maken voor de eigen school.

Zorg voor een doorgaande lijn

Wat je met een leerling in groep 3 bespreekt over samenleven, is anders dan wat je van een leerling in groep 8 kunt verwachten. Een doorgaande lijn helpt om kennis en vaardigheden steeds verder uit te bouwen.

Jonge leerlingen kunnen vanuit herkenbare situaties ontdekken dat mensen verschillend zijn en dat iedereen erbij hoort. Oudere leerlingen kunnen verschillende standpunten onderzoeken, nadenken over democratische besluitvorming en zich verdiepen in maatschappelijke vraagstukken.

Door te bekijken wat leerlingen in de onder-, midden- en bovenbouw aangeboden krijgen, voorkom je dat sommige onderwerpen steeds terugkomen terwijl andere nauwelijks aan bod komen.

5 vragen om je burgerschapsonderwijs onder de loep te nemen

Benieuwd hoe het ervoor staat op jouw school? Deze vijf vragen kunnen helpen:

1. Wat doen we al?
Welke lessen, activiteiten, gesprekken en dagelijkse situaties dragen bij aan burgerschap?

2. Aan welke doelen werken we daarmee?
Is duidelijk wat leerlingen hiervan moeten leren?

3. Past ons aanbod bij onze leerlingen?
Sluiten onderwerpen aan bij hun achtergrond, leefwereld en wat zij nodig hebben?

4. Zit er een duidelijke opbouw in?
Bouwen kennis en vaardigheden van de onderbouw tot en met de bovenbouw op?

5. Komen alle belangrijke onderdelen voldoende aan bod?
Of zijn er onderwerpen die veel aandacht krijgen en andere die gemakkelijk worden vergeten?

Met de antwoorden op deze vragen krijg je al snel een beter beeld van de sterke punten én mogelijke hiaten in je burgerschapsonderwijs.

Burgerschap als onderdeel van het dagelijks onderwijs

Goed burgerschapsonderwijs betekent dus niet dat je iedere week een los lesuur 'burgerschap' moet organiseren. Het gaat er vooral om dat je als school weet wat je wilt bereiken, bij wie je dat wilt bereiken en hoe je daar stap voor stap aan werkt.

Kijk naar wat er al gebeurt, leg de verbinding met de kerndoelen, ken je leerlingenpopulatie en zorg voor een bewuste opbouw door de leerjaren heen.

Wie behoefte heeft aan aanvullend materiaal om bepaalde burgerschapsdoelen gericht aan bod te laten komen, kan bijvoorbeeld gebruikmaken van de Kinheim Kerndoeltrainer Burgerschap. De reeks bestaat uit drie delen voor de onder-, midden- en bovenbouw en behandelt vijf herkenbare thema's: Jouw school, Vrije keuze, Samen anders, Jouw stem en Wereldvragen. De werkboeken kunnen als zelfstandig werk materiaal worden ingezet of als aanvulling op de burgerschapsactiviteiten die al op school plaatsvinden.

Zo ontstaat een burgerschapsaanbod dat niet alleen doelgericht en samenhangend is, maar vooral past bij de leerlingen voor wie je het doet.

Renate Hoogendoorn

Na ruim twintig jaar basisschoolleerkracht te zijn geweest, is Renate nu educatief auteur en heeft daarnaast een eigen praktijk in leerbegeleiding en kindercoaching.

Marloes Hofstede

Marloes werkt parttime als auteur bij Educatieve Uitgeverij Kinheim. Samen met een collega-auteur houdt zij zich onder andere bezig met de Kerndoeltrainers.